Etiquette op het water

Wellevendheid

Een goede schipper is een heer, of een dame. Dat toont u in uw gedrag op het water. Een heer of dame past de snelheid van het vaartuig aan als de situatie daar om vraagt. Een te hoge snelheid ontsiert iedere manoeuvre bijvoorbeeld bij het aanmeren in havens of bij het uitvaren van sluizen. Daarnaast veroorzaakt een grote hekgolf overlast voor vissers, kleinere schepen, kano’s en zwemmers. Ook de beschoeiing en de natuur hebben hieronder te lijden.

De etiquette op het water is zeer belangrijk in en in de buurt van sluizen. Rustig wachten op uw beurt is het devies. Voordringen veroorzaakt vaak wrijving met andere schippers. Bij sluizen heeft de beroepsvaart altijd voorrang. Verleen daarom in ieder geval voorrang aan beroepsschepen.

Voordek

Samen met andere schippers zorgt u ervoor dat de sfeer op het water goed blijft. Zet elkaar daarom de voet niet dwars, maar help elkaar als het nodig is. Sta andere schepen toe langszij te komen. Bent u zelf gemeerd langs een ander schip, gebruik dan het voordek van uw buurman om aan land te komen. Tenzij anders is afgesproken. Steek ook een helpend handje toe als dat nodig is. Bijvoorbeeld door andermans trossen aan te nemen bij het afmeren. U weet zelf hoe fijn het is hiermee geholpen te worden. Denk ook aan het uiterlijk van uw schip. Zorg voor een correcte vlagvoering. De etiquette vereist dat u uw natievlag neerhaalt bij zonsondergang.

Vaarregels

Voorrangsregels

Hoe je ’t ook wendt of keert: een watersporter hoort de vaarregels te kennen. Vaar je met een zeilboot? Dan heb je naar alle waarschijnlijkheid wel een paar zeillessen op zak. Onder meer de voorrangsregels voor zeilboten onderling is ongetwijfeld aan de orde gekomen. Vaar je met een motorboot kleiner dan 15 meter die niet harder kan dan 20 km/u? Dan heb je momenteel in Nederland geen enkele ‘ervaring’ nodig. Wij hopen dat dit in de komende jaren wordt aangepast zodat er een praktijkexamen moet worden afgenomen maar tot dan geven wij praktijkcursussen volgens de regels van het VBO.

Waterkaart en wateralmanak

Neem vooral een recente waterkaart en de Wateralmanak deel 1 en 2 mee aan boord. In deel 1 tref je de reglementen die er in Nederland toe doen en in deel 2 gaat het onder meer over de bedieningstijden van sluizen en bruggen. Altijd handig.

Het BPR dient u aan boord te hebben

Het Binnenvaart Politie Reglement (BPR) geldt op de meeste wateren.

Rivieren die vanuit Duitsland naar Nederland kabbelen, zijn belast met het strengere Rijnvaart Politie Reglement (RPR). Op de Westerschelde en op zee gelden weer andere wetten.

Elk schip dient een recent exemplaar van het binnenvaartpolitiereglement (BPR) aan boord te hebben met uitzondering van kleine open schepen, zoals een open sloep, speedboot, waterscooter et cetera.

Er wordt van iedere Nederlander verwacht dat men de wet kent. Dat is op het water ook zo. Om nou het hele BPR uit je hoofd te leren is geen optie. Daarom is er een plicht om het reglement aan boord te hebben, zodat u in precaire situaties het betreffende reglement kunt raadplegen. Er is een soort ontsnappingsluik ingebouwd, dat is artikel 1.04 en 1.05. Daarin staat onder andere dat u alles in het werk moet stellen om de vaart zo veilig mogelijk te laten verlopen. Dat wil zeggen, ook indien u voorrang heeft en het dreigt mis te gaan, moet u wijken. Uiteraard geldt dit ook voor de andere schipper.

Het BPR mag u tegenwoordig ook digitaal aan boord hebben, wel zo dat u deze onmiddellijk kunt raadplegen. Via deze link kunt u het BPR downloaden en opslaan. Wilt u het liever in boekvorm dan adviseren wij u de wateralmanak deel 1 aan te schaffen.

Tevens vindt u in het reglement een aantal bijlages. Denk aan: tekens. Land van herkomst (Bijlage 1). De geluidsseinen (bijlage 6), verkeerstekens (bijlage 7).

Tijdens het vaarbewijs examen wordt regelmatig verwezen naar bijlage 9 en 15. Dat zijn lijsten met vaarwegen, waar u minimaal een bepaalde snelheid moet kunnen varen. Tevens moet u op deze wateren, tijdens slecht zicht aan bepaalde eisen voldoen.